You are here:---WEERFENOMENEN (6)

WEERFENOMENEN (6)

Na tal van artikels over het weer die in deze reeks zijn verschenen onder de naam ‘weerfenomenen’ is er nog een meteorologisch verschijnsel aan dewelke wij hier nog geen aandacht hebben besteed. Op het eiland spreekt men van een Panza de burro of een ezelsbuik; dit zijn wolken die dagelijks gevormd worden boven de noordelijke eilandgrens en vooral in de zomer voorkomen. Let op, de zomer duurt hier tot aan de eindejaarsfeesten. 

Waarom deze wolken als een buik van een ezel worden voorgesteld heeft waarschijnlijk te maken met de kleur van de wolken en de opstromende beweging die zij vanaf zeeniveau maken.

Het is net als de relativiteitstheorie, waarin perceptie van ruimte en tijd afhankelijk zijn van fysicawetten en niet van de snelheid die een waarnemer heeft ten opzichte van andere waarnemers.
Er gebeurt iets met zomerse wolken ten noorden van de meest bergachtige eilanden in de Canarische Archipel. Meteorologen staan niet versteld van het feit dat zich op deze locaties stratocumulussen ophopen.
Voor alle duidelijkheid: dit weerfenomeen doet zich enkel voor in het noorden van het eiland waar het gebergte steil vanaf de kust naar boven loopt.

De meteorologische omstandigheden op een eiland zijn anders en zo verschillend van deze op een continentaal vlak en de voorbije zomer hebben ze het over de noordkust geweten. Alle dagen bewolking, lage bewolking waaruit soms motregen, soms heuse regendruppels vielen. Moeder natuur is daarover tevreden, de land- en tuinbouwers ook. Maar de toeristen niet. Zij komen voor de zon en deze zonzekerheid is enkel te vinden in het zuiden. Vandaar de toeristische verzameling zonnekloppers op de meeste zuidelijke eilandlocaties.
Maar soms is er meer en verschijnen er ook wolken in het zuiden. Verder meer daarover.

Hoe moet ik deze wolkenvorming met een duidelijke uitleg omschrijven? De taal van meteorologen laat zich bijna niet vertalen en als we daar toch in slagen komt het mogelijks kinderlijk cynisch over. Enfin, ik doe een poging maar niet vooraleer ik de woorden van Rubén del Campo, een gerenommeerd meteoroloog van het Centro de Investigación Atmosférica in Izaña en van het Agencia Estatal de Meteorología (Aemet) citeer. “Als er geen eilanden in de Atlantische Oceaan waren geweest, dan zouden er geen wolken gevormd worden voor de westkust van Afrika”.

Zoals met alles is er ook hier een oorzaak en een aanleiding. De motor moet gezocht worden bij het hogedrukgebied van de Azoren. Rond dit persisterende hogedrukgebied beweegt de wind zich in wijzerzin langs de isobarenlijnen. Dat zijn de lijnen die alle punten van gelijke druk met elkaar verbinden en zich, voor een leek, aftekenen als een spinnenweb op een weerkaart. Samen met deze motor is een thermische laag, die zich in de zomer vormt over het Afrikaanse Continent vanwege de intense hitte van de Sahara, verantwoordelijk voor het op gang komen van de passaten. De aanwezigheid van dit lagedrukgebied is oorzakelijk verantwoordelijk voor de grotere afstanden die de passaten in de zomer moeten afleggen en daarmee ook meer oceaanvocht opnemen.

Deze afkoelende vientos alisios waarin veel vocht aanwezig is moeten bij aankomst op de eilanden omhoog. Door de bergachtige structuur van het eiland is deze maritieme lucht gedwongen om te stijgen. En we weten allemaal uit de fysicaklas dat stijgen in de atmosfeer ook afkoeling betekent, waarbij het aanwezige vocht gaat condenseren.

De buik van de ezel wordt dan omgezet in een wolkenzee of zoals de Canariër het zo mooi verwoord met Mar de nubes. Als je van hoger gelegen gebieden naar het noorden kijkt dan heb je geen wolken in de hoogte maar wel een wolkenzee boven de boord van het eiland. Mooi en spectaculair.
Eigenaardig genoeg stijgen deze wolken niet hoger dan 800 à 1.000 meter. Op deze hoogte komen ze aan een thermisch vlak die als een deksel op een kookpan ligt. Dit komt door hogedrukverzakkingen of luchtmassa’s die vanaf grote hoogte dalen en gedurende dit manoeuvre opgewarmd en uitgedroogd worden naarmate ze dichter bij het aardoppervlak komen. Dit is het warmtedeksel dat zorgt voor het typische wolkendek met een zeer uitgesproken horizontale spreiding.

Als bewolking door de agerende generatoren toch verder kan stijgen dan normaal zitten we in de lijzijde van de grote berg met een probleem. De noordoostenwind stuurt dan de bewolking in zuidelijke richting. Een brede band stratuswolken zwiept dan naar het zuidwesten en gaat er het weer van de zonnekloppers vergallen.
Dit kun je oplossen door jezelf een paar kilometer te verplaatsen om op deze manier onder de wolkenband weg te komen. Ik hoop dan maar dat de wind niet eventjes verandert van richting.

By | 2017-01-23T09:48:11+00:00 november 2nd, 2016|Categories: Klimaat|Tags: , , , , |0 Comments

About the Author:

Actief binnen een redactioneel en journalistiek netwerk heb ik Tenerife kunnen binden in mijn geschrijf. Het eiland waarop ik reeds decennia lang verliefd ben heeft mij kunnen verleiden tot het schrijven van talloze artikels die door Marc Engels worden geredigeerd. Informatie en nieuwsfeiten zijn de producten, pen en papier zijn de middelen terwijl betrokkenheid het bindmiddel is. Wat daar uit vloeit wil ik met iedereen delen. Ik moest het eerst zelf ontdekken, daarna pas kon ik het verwoorden want we zitten met duizend draden aan onze herkomst vast. Ik niet, ik ben enkel op de verkeerde plaats geboren.

Leave A Comment