You are here:---POËZIE EN PROZA

POËZIE EN PROZA

Elke zaterdag wordt hier een stukje proza geschreven dat steeds gerelateerd is met Tenerife

BESCHRIJVEND (30)
Klimaat, regelmaat.
Eiland, geen vasteland.
Natuur, puur.
Gastronomie, alchemie.
Traditie, koppositie.
Levenskwaliteit, realiteit.
Topografie, magie.
Tenerife beter? Neen allesweter.
Tenerife anders? Ja tegenstanders.

WOLKENDROOM (29)
Slierten hoog

kriskras,
kleuren regenboog
slaapgas.
Wolkenstromen
om te dromen.
Dag uitgeblust,
nu avondrust.
Morgen wacht, goede nacht.

 

RESIDENTE (28)
Winter en zweet,

nauwelijks gekleed.
Zonne dag, zonne lacht
Kille nacht,
mijn gedacht.
Om welk seizoen
is het hier te doen?
De eeuwige lente
is hier prominente residente.

WOLKEN (27)
Zon gesluierd, schaduw aanwezig,

Toerist kuiert, straling afwezig.
Kleuren en tinten, wit, grijs en zwart,
glijden als dreigende linten en verdoezelen het zonnehart.

Vocht en condens zijn prominent aanwezig
en maken de reizende medemens, afkerig pezig.
Schaduw en wolken, bevlekken,
en bevolken alle reisplekken.
Gelukkig is dit van korte duur en krijgen wij opnieuw het zonnevuur.

BESCHRIJVEND (26)
Tenerife(e), land in zee.
Berg, supergrote dwerg. 

Klimaat, zonder plagiaat.
Kust, verleidende lust.

Vulkanen als onderdanen.
Overal, berg en dal. 

Oceaan, unieke waterpretbaan.
Stranden als kraakpanden.

Eiland, geen spijtoptant.
Subtropisch en gewoon fantastisch.

 

EMOTIE (25)
Lach of traan
mooi, ik laat je begaan.

De lach staat je goed,
en werkt op het gemoed
als vakantiegroet.

Pas later tanen
de tranen
uit heimwee
naar Tenerife(e)

 

ZON (24)
Zon, heelalbaron.

Stralen dalen,
huid uitgebuit.

Gezondheid, afscheid
Straling, maling
Vel, vrij spel

Conclusie, huiderosie
Smeren, programmeren.

 

REGENBOOG (23)

Magische boog, huizenhoog.

Zeven kleuren
krijgen het goedkeuren
van de strandtoerist
die niets betwist.

Mooi en op afstand
liggend op het strand
kijkt hij weltevree
naar deze zegefee.

OCHTENDSTOND (22) 

De zon roodomrand,
het eiland langzaam opgewarmd

De laatste nachtrestanten
lanterfanten

Goeiemorgen heldere dag,
slaap zacht donkere nacht

Dit moment schenkt mij levenskracht

VOLLE MAAN (21)

Even stilstaan
en denken 
aan de wenken
van moeder maan.

Heerlijk schijnend,
en zeker niet schrijnend.
Het witte licht
is op de mensheid gericht.

De oceaan blinkt, 
helemaal helder geschminkt
zodat jij er bij wegzinkt
en er helemaal in verdrinkt.

HERFST (20)

Herfst …
Net begonnen,
dit heb ik niet verzonnen.

Dag en nacht
gelijk volbracht,
al jaren lang,
sinds aanvang.

Zonnewende, equinox,
geen paradox
maar zwanenzang.

 

RUST GERUST (19)

Rust …
activeert werklust,
Rust …
brengt animo aan de kust,
Rust …
brengt levenslust,
Rust … 
is een must
voor de nachtrust,
Rust… gerust,
lieve oceaankust.


METEO (18)

Weerbericht… 
wat heb je aangericht?
Onzekerheid

voor de mensheid, 
of nattigheid voorbereid.

Kom je aandraven 

of angst aanjagen,
dan gaan wij deze herfstdagen
ons steevast beklagen.

Gelukkig 
is de zomer nukkig,
de herfst lenterig
en de winter een ophaalbrug.

Weerbericht,
we kunnen je missen.
Het weer dat klaar ligt
is enkel dit gedicht

 

 

WENS (17)
Zon,
warmtebron.
Zonnestraal,
kolossaal.
Gloei, lichtboei.
Vitamine, nectarine,
en mooi in magazine.
Steeds de vakantiewens
van ieder mens.

 
REGEN (16)

Glinstert, schittert
en glibbert.
Beken vol,
barrancos bol.
Zwellen aan
als een autobaan
en spuwen
met brute macht,
hun waterkracht,
als een bruine orkaan
in een blauwe oceaan.

 
WIND (15)
Wind,
vloeit gezwind.
Palmen waaien, 
laurieren zwaaien
Boomheide ruist
en struikgewas bruist.
Je hebt ons in je macht;
onzichtbare kracht.
Oost bloost,
west niet best.
Zonder gevoel
blaast hij koel.
Ik heb je steeds bemind,
jij, mijn wonderkind.
 
LENTICULARIS (14)

Berg.
geen dwerg,

maar statig groot
en zwaar gepoot.
Hoedje op, hoedje af
is de meteo-maatstaf.
Overtocht
van wind en vocht.
Resultaat
van een thermo staat.
Mooi om te zien,
straks opnieuw… misschien!
 

 
  
WATERSPIEGEL (13)
Water weerspiegelt,
rimpelt en wiebelt.
Rein en klaar, 
in dit jubeljaar.
Nu ga ik solozingen,
en verbloem de dingen,
want morgen
zal mij wensen bezorgen.
Een speciale dag, mijn gedacht,
een dag vol met pracht.

 
 
 
 
WOLKJES (12)
Bewolkt.
Schaapjeslucht
met dauw bevolkt
maar onbevrucht.
Niet zwanger,
geen vocht.
Geen regenvanger
gekocht.
Obstructie,
ik wil je nie.
Laat je waaien
alleen de zon wil ik aaien.

 
PALMBOMEN (11)
Palmera Canaria,
insomnia.
Exotische haartooi,
wondermooi.
Ananasbast,
grote gast.
Siert,
gespierd
en dominant
het hele eiland.
Chicharrero,
eres mi amigo.

 
 
 
 
BERG (10)
Teide, 
hoog opgeschoten,

geen alpenweide,
uitgesloten.
Majestueus en ambitieus,
vooral flink en statig.
IJsreus,
niets kunstmatig.
Tepelreus,

altijd staand, mysterieus
en zelden verwaand.
Door ieder herkend,
door allen erkend.
 
 
 
 
ZAND (9)
Zand,
briljant strand,
Geen schaduwkant,
wel zonnebrand.
Imposante surveillant
van het lavaland.
Hoge zonnestand,
bruingebrand.
Wonderland, die zeekant.
De mooiste band
van een lente-eiland.
 
 
ZEILBOOT (8)
Zeilboot glijdt,
net geen spiegel.
Water splijt,
schommel en wiegel.
Zomertijd.
De mast schuift
langs het vensterraam
en wordt weggewuifd
door een heldere maan.
De oceaan blinkt,
de maan zinkt
en ik kan niet verhinderen
dat het verder blijft zinderen.
 
 
 

WOLKEN (7)

Wolkje,
raar volkje.
wit, grijs, zwart,
soort apart.
Kleur verdwijnt,
vocht verschijnt.
Aarde herademt,
natuur content
mens ontstemd.
 
 
 

WATERMASSA (6)
Groot water

langzaam deinend,
zacht geklater,
helder doorschijnend.
Kabbelend
en transparant,
sprankelend
en intrigant.
Jij bezorgt mij vooral geen hartstilstand.
 
 
 

ROLLEBOLLEN (5)
De oceaan blinkt, het water klotst.
Eén golfje springt, een ander botst.
Net als kinderen,
die zonder elkaar te hinderen,
losbollig en gezwind 
rollen in een zuchtje wind.
Dat rustig schouwspel is mijn reisgezel
die mijn gedachtengang
omzet in een zwanenzang.
Dit fascinerend wonder
brengt rust en geen gedonder.
Het wonderkind maakt mij blijgezind.
 
 
 
 

HET LICHT GAAT UIT (4)

Moe,
ik leg me goe.
Warm binnen, 
beter buiten beminnen.
Ik sluit mij af,
ben bekaf.
Ik doe
mijn ogen toe.
Ik los op in de nacht
en verlies alle kracht.
Alles deint,
alles verdwijnt.
Het licht gaat uit.
Uitgefluit.

RUST (3)

Te warm, te zwoel,
zwevend gevoel.
Ontluikend zomerseizoen,
zalig niets doen.
Kalmte, de onzichtbare kracht,
brengt je lichaam in rust.
ik zeg je goede nacht,
ik ga slapen
aan de kust.

GOEDE NACHT (2)
Zon verdwijnt,
maan verschijnt.

Wind valt neer,
palmen roeren niet meer.
Oceaan afgemat,
strand afgeplat.
Alles wordt moe,
ook de mens, zonder taboe.
Rust dwingt zacht,
tot morgen,
goede nacht.

 

 

SLAAP ZACHT (1)
Het donkert,
zeebries ingemaakt,
landwind ontwaakt.
Sterren glinsteren,
golfjes twitteren.
De maan lacht
en brengt een warme nacht,
slaap lekker, slaap zacht.
Vooral zonder zorgen…
tot morgen!

 

By | 2017-12-09T06:11:13+00:00 december 9th, 2017|Categories: Blog, Weetjes|Tags: , , , |0 Comments

About the Author:

Actief binnen een redactioneel en journalistiek netwerk heb ik Tenerife kunnen binden in mijn geschrijf. Het eiland waarop ik reeds decennia lang verliefd ben heeft mij kunnen verleiden tot het schrijven van talloze artikels die door Marc Engels worden geredigeerd.
Informatie en nieuwsfeiten zijn de producten, pen en papier zijn de middelen terwijl betrokkenheid het bindmiddel is. Wat daar uit vloeit wil ik met iedereen delen.
Ik moest het eerst zelf ontdekken, daarna pas kon ik het verwoorden want we zitten met duizend draden aan onze herkomst vast.
Ik niet, ik ben enkel op de verkeerde plaats geboren.

Leave A Comment